Meld je aan voor de nieuwsbrief
Wil je op de hoogte blijven van het laatste nieuws en ontwikkelingen? Meld je dan aan voor de nieuwsbrief.
Mensen die al bij hun eerste diagnose uitgezaaide borstkanker hebben, verschillen op belangrijke punten van mensen bij wie de ziekte pas later terugkomt met uitzaaiingen. Dat blijkt uit een grote Nederlandse studie. De resultaten geven nieuwe inzichten in het gedrag van uitgezaaide borstkanker en kunnen in de toekomst helpen om behandelingen beter af te stemmen op de individuele patiënt.
Bij ongeveer 5% van de mensen met borstkanker zijn er al uitzaaiingen op het moment dat de ziekte wordt ontdekt. Dit heet de novo uitgezaaide borstkanker. Veel vaker ontstaan uitzaaiingen pas maanden of jaren na een eerdere behandeling voor borstkanker. Dat heet metachrone uitgezaaide borstkanker.
Artsen weten al langer dat deze twee groepen van elkaar verschillen. Maar hoe groot die verschillen precies zijn en wat ze betekenen voor de behandeling en prognose, was nog niet goed onderzocht. dr. Ellis Slotman et al. hebben in hun onderzoek Characteristics, treatment and survival in de novo and metachronous metastatic breast cancer: a nationwide comparative analysis die verschillen in kaart gebracht met gegevens van ruim 2.300 mensen uit de Nederlandse Kankerregistratie die in 2019 de diagnose uitgezaaide borstkanker kregen.
Wat is er nieuw aan dit onderzoek?
Het bijzondere aan deze studie is dat alle patiënten in hetzelfde jaar de diagnose kregen. De beschikbaarheid van behandelingen was gelijk en daardoor konden de onderzoekers beide groepen eerlijk met elkaar vergelijken. Ook keken zij niet alleen naar de overleving, maar ook naar verschillen in tumorkenmerken, de plaats van de uitzaaiingen en de behandelingen die mensen kregen.
Daarnaast is onderzocht of de eerdere behandelingen van de oorspronkelijke borstkanker mogelijk invloed hebben op de ziekte wanneer later uitzaaiingen ontstaan. Dat is een vraag die steeds belangrijker wordt, omdat steeds meer mensen voor vroege borstkanker een systemische behandeling krijgen.
De ziekte ziet er anders uit
De onderzoekers zagen duidelijke verschillen tussen beide groepen.
Mensen met de novo uitgezaaide borstkanker hadden vaker alleen uitzaaiingen in de botten. Mensen die pas later uitzaaiingen kregen, hadden juist vaker uitzaaiingen in meerdere organen of in de hersenen.
Ook verschilde de verdeling van de verschillende subtypen van borstkanker. Zo kwam HER2-positieve borstkanker relatief vaker voor bij de novo uitgezaaide ziekte, terwijl triple-negatieve borstkanker juist vaker werd gezien bij mensen met een latere terugkeer van de ziekte.
Dat laat zien dat de novo en metachrone uitgezaaide borstkanker niet alleen verschillen in wanneer de uitzaaiingen ontstaan, maar ook in hoe de ziekte zich gedraagt.
Verschillen in overleving
Voor sommige subtypen leefden mensen met de novo uitgezaaide borstkanker gemiddeld langer dan mensen bij wie de ziekte later terugkwam.
Dat verschil was vooral zichtbaar bij:
Voor andere subtypen vonden de onderzoekers geen duidelijk verschil.
De resultaten laten zien dat een diagnose de novo uitgezaaide borstkanker niet automatisch een slechtere prognose betekent. Dat is belangrijk, omdat veel mensen juist denken dat uitzaaiingen bij de eerste diagnose per definitie ongunstiger zijn.
Een opvallende ontdekking
Misschien wel de meest interessante uitkomst van het onderzoek is de mogelijke rol van eerdere behandelingen.
De onderzoekers bekeken een groep mensen met hormoongevoelige HER2-negatieve borstkanker apart. Zij zagen dat mensen die eerder geen behandeling met bijvoorbeeld chemotherapie of hormoontherapie hadden gehad, een vergelijkbare overleving hadden als mensen met de novo uitgezaaide borstkanker.
De minder gunstige overleving werd vooral gezien bij mensen die vóór het ontstaan van de uitzaaiingen al wel een systemische behandeling hadden gekregen.
Dat betekent niet dat die behandeling de oorzaak is van de kortere overleving. Mensen die eerder chemotherapie of hormoontherapie kregen, hadden vaak ook een hoger stadium borstkanker bij diagnose, met een hoger risico op terugkeer. Mogelijk spelen deze ziektekenmerken bij latere terugkeer van de borstkanker ook mee in de overleving. Tegelijkertijd denken de onderzoekers dat eerdere systemische behandelingen mogelijk bijdragen aan verschillen in de gevoeligheid van tumorcellen voor medicijnen. Dit onderzoek kan dat niet bewijzen, maar geeft wel een belangrijke aanwijzing die verder onderzocht moet worden.
Waarom vindt Borstkankervereniging Nederland dit onderzoek belangrijk?
Borstkankervereniging Nederland vindt dit een belangrijk onderzoek, omdat het laat zien dat uitgezaaide borstkanker geen uniforme ziekte is. De voorgeschiedenis van een patiënt – bijvoorbeeld of iemand eerder is behandeld voor borstkanker – lijkt van invloed op hoe de ziekte zich later gedraagt. Dat kan in de toekomst helpen om behandelingen beter af te stemmen op de individuele situatie.
Daarnaast sluit een belangrijke aanbeveling uit het onderzoek nauw aan bij waar de borstkankervereniging zich al langer voor inzet: De onderzoekers pleiten ervoor om meer gegevens te verzamelen over mensen die later uitgezaaide borstkanker krijgen (metachrone uitgezaaide borstkanker). Over deze groep is nog relatief weinig bekend, terwijl zij juist het grootste deel van de mensen met uitgezaaide borstkanker vormt.
Meer en betere registratie maakt het mogelijk om te onderzoeken welke behandelingen op de lange termijn het beste werken, hoe eerdere behandelingen van invloed zijn op de ziekte en waar nieuwe behandelingen nodig zijn. Dat is belangrijke kennis om de zorg voor mensen met uitgezaaide borstkanker verder te verbeteren.
Wat betekent dit voor patiënten?
Dit onderzoek verandert de behandeling van uitgezaaide borstkanker op dit moment niet. Wel helpt het artsen beter te begrijpen waarom uitgezaaide borstkanker zich bij de ene persoon anders gedraagt dan bij de andere.
De resultaten laten zien dat:
Er is meer onderzoek nodig voordat deze inzichten leiden tot veranderingen in de dagelijkse praktijk.
Borstkankervereniging Nederland pleit daarom voor een landelijke registratie waarin ook mensen met metachrone uitgezaaide borstkanker goed worden gevolgd. Alleen met die kennis kunnen onderzoekers en zorgverleners de behandeling voor toekomstige patiënten verder verbeteren.
gepubliceerd: 8 juli 2026